Hier loop ik warm van

The Hotstepper goes Dutch

Posts Tagged ‘Rutte

Stiefkind

leave a comment »

Een verhaal uit de serie Ultrakort – Een ultrakort verhaal bevat maximaal 99 woorden (exclusief titel). Minder mag, meer niet.

‘Wat moet ik nu doen?’

Ik verschuil mij achter mijn krant. Het is onmenselijk vroeg, maar mijn zoontje staat aan. Mijn vriendin is geduldiger.

‘Verbind de dieren met hun kinderen.’

Even later is hij klaar en toont ons het resultaat. Het lammetje is verbonden met de hond, het kuikentje met het schaap en de puppy met de kip.

‘Dat klopt dus niet,’ brom ik terwijl ik mij concentreer op het gedraai van Rutte.

‘Echt wel! Het zijn stiefmoeders.’

Mijn vriendin verslikt zich in haar koffie. Ik leg mijn krant weg. Nu sta ik ook aan.

 

Advertenties

Written by thehotstepper

april 27, 2018 at 10:04 am

Participeren nu al een succes

leave a comment »

Onze regering doet het hartstikke goed. Nederlanders zijn lamlendig en kortzichtig dat ze dat niet zien. Participatie is niet nieuw. Het wordt al jaren gepropageerd en in praktijk gebracht. Ik zal een aantal voorbeelden geven en daarbij uit de Zorg wegblijven, want jansalieachtige voorbeelden van poepluiers en billen wassen, die kennen we nu wel.

Er staan steeds meer onbevoegde leraren voor de klas. Welwillende burgers nemen de rol van docent over en nemen zo deel aan het onderwijs. Participatie pur sang.

Wat te denken van voedselbanken?. Er werken vrijwilligers en naast supermarkten, die levensmiddelen over de datum zien gaan omdat wij niet willen consumeren, zijn steeds meer burgers bereid een bijdrage te leveren aan het bevoorraden. Samenwerken loont. Florerende voedselbanken tonen dat prachtig aan.

Van voedselbank voor de minderbedeelden naar spaarbanken voor de bemiddelden is slechts een kleine stap. Laatstgenoemden zoals SNS, ABN en ING, hadden het moeilijk en moesten worden gered. Met belastinggeld. Hoera!, ze zijn dus nu van ons. Rabobank wilde als enige geen steun, maar dat was al een coöperatieve bank, dus zij participeerde avant la lettre.

Tenslotte is er ook succesvolle grensoverschrijdende participatie. Oost- Europese boefjes weten hun weg te vinden naar Nederland. Het is exemplarisch voor het geslaagde overheidsbeleid. Meer blauw op straat komt door inzet van, jawel, vrijwilligers, en mede hierdoor nemen criminele organisaties in het buitenland onze politie niet serieus.

Kortom, kabinet Rutte is gewoon verschrikkelijk goed bezig. Participeren is geen wensdenken, maar vreselijk realistisch en samen maken wij het mogelijk, al jaren.

Written by thehotstepper

september 21, 2013 at 7:38 am

Participatiesamenleving

with one comment

Het lijkt erop dat Nederland een nieuw woord rijker is. Par-ti-ci-pa-tie-maat-schap-pij. Niet iedereen is er blij mee. Het woord heeft een negatieve bijklank en wordt door menigeen met een vies gezicht uitgesproken inclusief bovenstaande scheidingsstreepjes. Hierdoor duurt het langer om uit te spreken, ligt de nadruk op elke lettergreep en geeft menigeen op deze wijze uiting van zijn walging van dit nieuwe begrip. Ik begrijp dat niet. Er is ten slotte niets nieuws onder de zon? Er is alleen een woord voor verzonnen.

Reeds in de jaren 90 werden we geconfronteerd met de idee dat we best iets meer zelf kunnen bijdragen aan een leefbare samenleving voor iedereen, maar toen waren we te druk met consumeren, reikten de (geld)bomen tot aan de hemel en deden we lacherig over de SIRE campagne De maatschappij dat ben jij. In een van die campagnes werd ons een beeld getoond van een bejaarde man in een rolstoel. Hij zit voor een groot raam met zijn rug naar ons toe. De foto lijkt zwaar overbelicht en is grotendeels onscherp. Alleen het achterhoofd en de schouders van de oude man zijn scherp. Naar het uitzicht moeten we raden. ‘Uw hond komt vaker buiten’, staat in kapitalen te lezen in het midden van de foto.

Mijn opa had geen aansporing van SIRE nodig. Nadat hij en mijn oma (geruime tijd voor de bewuste campagne) in een verzorgingshuis gingen wonen, bracht hij daar jaren lang maaltijden rond van Tafeltje Dekje. Op zijn rondes maakte hij een praatje met medebewoners en eventueel kwam hij later op de dag terug. Als vanzelfsprekend hielp hij mensen die slecht ter been waren met boodschappen. Later, toen mijn oma was overleden en mijn opa ging dementeren, ging dit niet langer. Hij had toen zelf hulp nodig. Mijn moeder heeft toen gedaan wat ze kon, en ging daarin verder dan alleen de zorg voor mijn opa. Ze was er toch en ondersteunde zo bijvoorbeeld het verplegend personeel door koffie en thee te zetten, brood te smeren en behalve met mijn opa, gesprekken aan te knopen met andere bewoners van de afdeling.

Aan de ene kant begrijp ik de verontwaardiging van criticasters die ageren tegen het door Rutte II geïntroduceerde ‘participatiesamenleving’, maar het fenomeen kan maar beter een naam hebben. Al ruim 15 jaar wordt de verzorgingsstaat uitgekleed. Reeds onder Balkenende is dat in gang gezet. Bezuinigingen en privatisering  (ook een vorm van zelforganisatie) zijn niet nieuw. Er wordt al jaren een groter beroep gedaan op zelfredzaamheid. Waarom is de oproep van koning Willem-Alexander, ‘Van iedereen die dat kan, wordt gevraagd verantwoordelijkheid te nemen voor zijn of haar eigen leven en omgeving’, zo omstreden? Het lijkt toch alleszins redelijk. Waarom roept dit zoveel weerstand op?

Jarenlange crisis, al dan niet in eerste instantie aangepraat, en snel opvolgende kabinetten, zes stuks sinds 2002, die gemiddeld iets langer dan een jaar zaten, de rest van de tijd was de regering demissionair – maakten dat de onkunde en onmacht bijna tastbaar werden en dat voelt niet fijn. In twaalf jaar tijd werden we zes jaar daadwerkelijk bestuurd. Eventuele verontwaardiging zou volgens mij beter op haar plaats zijn, wanneer zij is gericht tegen het wanbeleid dat de afgelopen jaren mede hierom is gevoerd, dan tegen een oproep om meer participatie van burgers. Ik kan meegaan in de kritiek als men daarmee bedoelt dat participatie niet hoort te worden opgedrongen. Ik vind het storend dat bestuurders niet de hand in eigen boezem steken en orde op zaken stellen, maar daarvoor al te nadrukkelijk naar anderen wijzen en zo hun eigen impotentie verplaatsen. Dat is flauw.

Maar dat is het dan ook. Niet meer, en niet minder. Het is flauw om de rekening af te wentelen op burgers die doorgaans vertrouwen stellen in politici om namens hen het land te besturen. Toch zou ik niet in een land willen wonen, deel uitmaken van een samenleving, waarin compassie niet kan leiden tot participatie. Een verzorgingsstaat heeft een remmend effect op participatie, dat synoniem is aan deelname en betrokkenheid. Wat dat betreft heeft SIRE reeds jaren geleden een ijzersterke slogan bedacht. De maatschappij dat ben jij, en of we het nu leuk vinden of niet, we leven in een participatiemaatschappij en ik vind dat eigenlijk best een mooi woord.

Wordt vervolgd! (3)

with 2 comments

Het feuilleton van Ronald Giphart is in volle gang. Vorige week deel 1, Sapere Aude, de kennismaking. Giphart laat er geen gras over groeien en stort de lezers als het ware in het diepe. Na een nog vrij rustige inleiding over het corpsleven, schakelt hij een tandje op en al gauw somt hij de vernederingen die de feuten (Giphart spreekt van novieten, een term die ook logisch klinkt, maar die ik niet ken, maar wel lekker rijmt…) ondergingen. Wat mij hierbij opvalt is het gebruik van de verleden tijd. Hierdoor leest het eerste deel als een aaneenschakeling van gebeurtenissen, maar Giphart is kundig genoeg om er geen ‘en toen’ verhaal van te maken.

In zijn schrijfverslag schrijft hij: “Omdat ik het einde nog niet rond heb, besloot ik voor deze eerste aflevering een scène te kiezen uit het verleden van de hoofdpersonages. (…) Het zogenaamde exordium, de inleiding van een verhaal is niet onbelangrijk. Ik koos voor een ‘exordium ex abrupto’, wat in de retorica zoveel betekent als vrij bruusk naar de kern van de zaak gaan’.” Misschien is het dan ook wel logisch om de verleden tijd te gebruiken.

Gisteren verscheen deel 2, De Joris van Spilbergen, over de vriendschap van de hoofdpersonen en hun tijd in een studentenhuis. “De jaren aan de ‘Jee van Es’ hebben de vijf studentes gevormd. Huishond Timmy werd er overreden.” Deel 2 is eigenlijk een voortzetting van de introductie en ook hier is het grootste deel in de verleden tijd geschreven. Ik merk dat mijn enthousiasme voor het feuilleton licht is gedaald. Uiteraard is een inleiding noodzakelijk, maar ik had meer vuurwerk verwacht en een sprong naar het heden.

In zijn schrijfverslag legt Giphart uit: “Aanvankelijk wilde ik dit hoofdstuk anders beginnen, namelijk door het verhaal direct zeventien jaar na de vorige bijdrage te plaatsen, maar voor mijn gevoel ging dit te snel.” Aha, denk ik, ok, het is een weloverwogen keuze van de schrijver, dat respecteer ik.  Wat enigszins knaagt is een opmerking van de schrijver op de Facebookpagina van het feuilleton van vorige week zondag. Hij schreef toen “Ik ga hier geen gewoonte van maken, maar ook deze week heb ik mijn bijdrage op zondagavond al af.” Misschien kon hij door tijdgebrek niet anders dan nog even in het verleden blijven hangen? Enfin, de laatste alinea belooft wat dat betreft verbetering, want die is geheel in de tegenwoordige tijd geschreven en maakt dat ik toch weer uitkijk naar het volgende deel.

Nu ik erover nadenk, ben ik nog steeds rete-enthousiast. Hoe geweldig is het dat je inzicht krijgt in het schrijfproces. Dat je een kijkje in de keuken van een schrijver mag nemen? In de kantlijn van deel 1 is een geschrapt fragment te lezen en in de kantlijn van deel 2 een reactie van Gipharts redactrice. Vooral haar opmerking “Lunchpakketjes maak je niet voor een week” vond ik hilarisch. Lekker droog, de spijker op de kop. In het boek, mocht het ooit zover komen, zal dat zinnetje veranderd zijn.

Ook mooi vind ik de toelichting bij het woord wanbof. “Geregeld schrijf ik onbekende woorden op in de hoop ze kwijt te kunnen in een verhaal. Waar ik het woord ‘wanbof’ vandaan heb, weet ik niet meer. Het is een synoniem voor pech, strop, tegenvaller, tegenslag, tegenspoed, misère, zeperd en het Franse woord déveine.” Ik kan niet wachten tot dat woord raakt ingeburgerd. Dat premier Rutte bijvoorbeeld voor de snorrende camera’s zegt: ‘Het is enorme wanbof, dat Merkel niet naar mijn ideeën wilde luisteren.’ Prachtig lijkt me dat.

Written by thehotstepper

september 23, 2012 at 9:25 am

Concert en festivalkaartjes? Hamsteren!

leave a comment »

De verkoop van passe-partouts voor Motel  Mozaïque 2011 start op zaterdag 4 december om 10:00 uur via www.motelmozaique.nl. Tot en met 31 december kost dit ticket, dat toegang biedt tot alle festivaldagen, 55 euro. Vanaf 1 januari kost een passe-partout 65 euro en zullen dagkaarten à 35 euro voor vrijdag 8 en zaterdag 9 april te koop zijn. Het verschil in prijs is mede te danken aan het kabinet-Rutte dat definitief heeft besloten de BTW op cultuurkaarten te verhogen van 6% naar 19%. Door in december een kaartje te kopen kunnen festivalbezoekers nog van het lage BTW-tarief profiteren totdat de verhoging daadwerkelijk is doorgevoerd.

De line up (*) tot zover liegt er in ieder geval  niet om:

Agnes Obel: De Deense zangeres Agnes Obel beschikt over het talent om wonderschone liedjes te componeren. Zoals het van een commercial bekende ‘Just So’, een lief, haast sprookjesachtig liedje dat klinkt als een combinatie tussen Ane Brun, Tori Amos en Feist.
Darkstar: Het Britse producersduo James Young en Aiden Whalley maakt onder de naam Darkstar zwoele dubstep. Hun debuutalbum ‘North’ verscheen onlangs op het avontuurlijke Londense electronicalabel Hyperdub.
Dum Dum Girls: De vier meiden van Dum Dum Girls zijn duidelijk beïnvloed door de vele meidengroepen uit de jaren ’60. Ze maken deel uit van een nieuwe generatie muzikanten die hun verveling gebruikt als brandstof voor hoogst opwindende rock-’n-roll. Onlangs tourden ze samen met MGMT door Europa.
José Gonzàlez performing with The Gothenburg String Theory: Een speciale, exclusieve show waarbij de gevierde Zweedse singer-songwroter speelt met het 20-koppige collectief Gothenburg String Theory waarbij een nieuwe dimensie aan het songmateriaal van José Gonzàlez gegeven.
Josh Ritter: De Amerikaanse zanger en liedjessmid Josh Ritter wordt veel vergeleken met helden als Bruce Springsteen, Leonard Cohen en Bob Dylan. Ritter heeft in ieder geval eenzelfde soort dwingendheid in zijn nummers. Samen met zijn Royal City Band komt hij naar Motel  Mozaïque.
Lykke Li: De Zweedse zangeres Lykke Li gooide twee jaar geleden hoge ogen met haar debuut ‘Youth Novels’ en brengt in februari haar tweede album uit. De eerste single, het swingende en catchy ‘Get Some’, is alvast vooruit gestuurd.
Villagers: Villagers bracht dit jaar het wonderschone debuutalbum ‘Becoming A Jackel’ uit. Het creatieve brein achter deze Ierse formatie is Conor O’Brien, te omschrijven als een oude ziel in een jong lichaam. Villagers zoekt (en vindt) aansluiting bij de melancholische folkpop van artiesten als Eliott Smith en Bright Eyes. Eerdere Nederlandse festivalshows  (Lowlands, London Calling, Crossing Border) ontvingen lovende recensies.

Oh, and remember:

———————–

(*) bron: http://www.motelmozaique.nl