Hier loop ik warm van

The Hotstepper goes Dutch

Archive for december 2016

Kerstboom

leave a comment »

Op het binnenterrein van het huizencomplex is een kerstboom geplaatst. Hoewel het best een mooie boom is van zeker vier meter hoog, ziet het er een beetje sneu uit. De takken zijn goed verdeeld en de boom is mooi kegelvormig. Hoewel hij in een bos minder zou opvallen dan op het lege binnenterrein, zou hij er meer op zijn plaats zijn. Bovendien, dat weet ik zeker, zou hij in de natuur fier rechtop staan. Op het pleintje staat hij enigszins scheefgezakt onder de loodgrijze wolken.

Bomen hebben veel geduld. Ze moeten wel, want ze kunnen nergens naar toe. Toch heeft deze boom een hele reis achter de rug. Misschien was hij opgetogen dat hij na tien jaar of meer op reis werd genomen en nam hij het bijtende gevoel aan de voet van zijn stam, waar de tanden van de zaag zich naar binnen vraten, voor lief. Daar sta je dan, uniek in je soort, hier tussen de stenen, denk ik. Met mijn hand ga ik door zijn takken. De naalden voelen hard en zacht tegelijkertijd.

De volgende dag staat de boom er nog. Iemand heeft een oud, morsig snoer feestverlichting met ledlampjes tussen zijn takken door getrokken, maar is vergeten de stekker in een stopcontact te steken. De bovenste helft van de boom is hij ook vergeten. Kon zeker geen ladder vinden die lang genoeg was. Een deel van het snoer ligt in slordige cirkels op de grijze tegelvloer. De combinatie feest en led heb ik hoe dan ook nooit begrepen, maar lijkt in dit geval meer dan ooit te slaan als kut op dirk.

Twee dagen lang gebeurt er niets. De boom staat te staan en lijkt lankmoedig te berusten in zijn lot. Na drie dagen is de boom opgemerkt door meer bewoners. Zijn onderste takken zijn nu getooid met de restanten van kerstversiering die de mensen niet goed genoeg vonden voor in hun eigen huizen. Een halve slinger, een kerstman met een been en hier en daar een bal. De kleuren vloeken hartgrondig, waardoor het er mistroostig uitziet als de uitgelopen make-up van een middelbare vrouw na een iets te wild feest.

Ik hoop dat het leven van de boom tot nu toe een feestje was. Aan zijn naalden te zien, is het een fijnspar. Een volwassen fijnspar kan tot 50 meter hoog worden. De oudste boom ter wereld is mogelijk een fijnspar in de Zweedse provincie Dalarna. Zijn leeftijd  werd in 2008 geschat op 9555 jaar. Het zijn feitjes die mij triest stemmen als ik naar ‘onze’ boom kijk. Zo hoog zal hij nooit worden, laat staan zo oud.

Hoe langer ik erover nadenk, hoe rotter ik het vind. Ik besluit hem een zo prettig mogelijk uiteinde te geven, dus zoek ik de langste ladder die ik kan vinden en hang een bal vogelvoer zo hoog mogelijk in zijn takken. Zo is hij in de donkere dagen voor Kerst niet alleen, terwijl het leven langzaam uit hem vloeit en het nieuwe jaar dichterbij komt. De dagen worden al weer langer, maar de dagen van deze boom zijn geteld.

Advertenties

Written by thehotstepper

december 18, 2016 at 12:42 pm

Heertje

with one comment

Tegenover mij in de trein zat een heertje. (…) Ik laat hier bewust een stilte vallen, zodat u zich kunt afvragen wat ik hiermee bedoel. Ondertussen ben ik benieuwd wat u dénkt dat ik ermee bedoel. Reacties zijn welkom, maar dat terzijde. Reacties zijn altijd welkom.

Goed, een heertje dus. De man was tijdloos, al was wel duidelijk dat hij reeds een lange tijd meedraaide. Hij droeg een grijs pak. Eronder had hij een wit overhemd met een grijze stropdas. In het knoopsgat op zijn linker revers was een speldje gestoken. Was het een onderscheiding of slechts versiering?
Zijn hoofd was rond, wat werd benadrukt door haarverlies en de grijze kortgeknipte randen. Hij droeg eerder een haarkrans dan een kapsel. Op zijn neus een bril met een dun, bruin montuur met ronde glazen. Hij was gladgeschoren en in dat blote gezicht trokken zijn lippen een dunne streep. De mondhoeken trokken iets omlaag, wat hem echter geen ontevreden, maar eerder een voorname en zelfingenomen uitdrukking gaf.

Aan het haakje naast zijn hoofd hing een zwarte, lange wollen jas en een rode kasjmieren sjaal. Het leek de enige kleur die hij zich permitteerde, al blonken het speldje en de gouden zegelring aan de ringvinger van zijn rechterhand zo uitbundig, dat enige frivoliteit hem niet geheel vreemd leek. Misschien droeg hij daarom ook glimmend gepoetste zwartleren schoenen. De ‘uitdrukking tot in de puntjes’ leek hem om het lijf geschreven.

Terwijl hij mijmerend over zijn krant naar buiten staarde, waar door de mist niet veel te zien was, overlegde ik met mijzelf of de man gepensioneerd directeur dan wel administrateur was. Hij had zowel het cachet van een man die gewend is dat men naar hem luistert, als de misplaatste voornaamheid van een ondergeschikte die meent dat men niet zonder hem kan.

Ik moet hebben zitten staren want het heertje richtte zijn blik op mij en zei: ‘It’s a small world’, doelend op het door dikke nevel aan ons oog onttrokken landschap. Ik keek hem welwillend aan en knikte, terwijl ik zeker wist dat ik hem niet eerder had ontmoet. Nog voor mijn glimlach op mijn lippen bestierf, mondde zij uit in een glundering. Natuurlijk had ik het heertje niet eerder ontmoet, al had dat uiteraard wel gekund. Steenkolenengels trekt zich niets aan van rangen en standen.

 

Written by thehotstepper

december 17, 2016 at 12:59 pm

Meeuwtjes

with one comment

Ik ben geen vogelliefhebber. Dieren die van zichzelf geen natte neus hebben, daar heb ik niets mee. Vogels hebben bovendien veren en vleugels en horen daarom wat mij betreft per definitie niet op weg of voetpad, maar in de lucht of in een boom. Goed, watervogels daargelaten. Maar ook daarvoor geldt: niet op weg of voetpad, maar daar waar je hoort. In het water dus.

Vogels, die zich daar niet aan houden: ik kan me er best aan storen. Vooral als ze groot en arrogant zijn. Kraaien hebben dat bijvoorbeeld. Die staan dan ergens in het gras, vlak langs een wandelpad en die kijken je dan zo aan van, wie ben je? Wat mot je? En uiteindelijk vliegen ze dan nerveus op, zonder dat ik daartoe aanleiding geef. Meeuwen, idem dito. Vooral die grote, met zilveren vleugels. Die bespieden je dan zo hautain met hun gele ogen, dat je je bijna afvraagt wat je hen hebt misdaan. En hoe kalm je ze ook nadert, uiteindelijk vliegen ze altijd geagiteerd en gejaagd weg.

Er is één uitzondering. Dat is een kleiner exemplaar meeuw. Dat soort meeuwtje heeft een rood snaveltje en rode pootjes. Zie, ik ga al liefkozend verkleinwoordjes gebruiken. Het beestje lijkt eerder geïnteresseerd dan uit de hoogte, geamuseerd in plaats van hoogmoedig en veeleer op een leuke manier eigenwijs dan irritant pedant. Hoewel het uiteindelijk ook altijd wegvliegt als ik te dicht nader, doet het dat schijnbaar onverstoord en gracieus.

Omdat ik geen vogelliefhebber ben, ken ik uiteraard niet alle soorten bij naam. Thuisgekomen besloot ik mijn meeuwtje te googelen. Meeuw, rode snavel, leverde roodsnavelmeeuw, maar die leeft in Nieuw-Zeeland, dus kan het niet zijn. Meeuw, rode pootjes dan maar. Kijk, dat lijkt er meer op. Het moet een kokmeeuw zijn. Nu snap ik ook waarom ik het beestje mag. Ik ben dol op lekker eten en heb veel respect voor koks.

Written by thehotstepper

december 14, 2016 at 11:28 am

Geplaatst in column

Tagged with , , , , , , ,