Hier loop ik warm van

The Hotstepper goes Dutch

Niets

leave a comment »

Gisteren zou ik niets doen. Helemaal niets. Zou het mogelijk zijn om daarover zinvol te schrijven? Ik hoop het maar, anders leest u dit voor niets.
Het valt nog niet mee om niets te doen. Uit voorzorg had ik eergisteren de wekker niet gezet. Slapend niets doen leek me veruit het gemakkelijkst. Toch was ik ’s morgens al vroeg wakker. Terwijl ik in bed lag, tussen de fris geurende lakens, bedacht ik wat ik niet zou gaan doen. Ik werd al moe bij de gedachten aan de talloze mogelijkheden en viel pardoes weer in slaap. Missie geslaagd.
Niet veel later droomde ik dat ik dat ik lag te slapen. Kort erna bleek dat ik wakker was en dacht dat ik droomde. Niets doen bleek niet eenvoudig.
Ik overwoog of koffiezetten en ontbijt maken onder de noemer ‘niets doen’ vielen en besloot uiteindelijk dat noodzakelijkheden geoorloofd waren. Ze hadden de naam mee. Als ‘niets doen’ moet, dan zijn noodzakelijkheden mutatis mutandis toegestaan. Dus rekte ik mijn ontbijt. Drie espresso’s, elf aardbeien, vier geroosterde boterhammen, acht plakjes kaas, een halve avocado, onbestemde hoeveelheden paté en filet americain en vier glazen thee later was het nog steeds vroeg. Maar gelukkig was vandaag een marktdag en ik had niets nodig. Een bezoekje aan de markt leek me daarom uitermate geschikt. Bovendien wandelde ik zeker drie keer verkeerd. Als ik zo de weg niet onbedoeld leerde kennen was het zeker zinloos en dus geheel in lijn met mijn ambities.
Uiteindelijk kocht ik toch wat. Sinaasappels, Jamón Ibérico en olijven. Beetje jammer, maar een mens moet toch wat. Bovendien zou ik het die dag niet meer eten, maar daar zou ik pas later achter komen. Onderweg naar huis kocht ik ook een Torta de cabello de angel, oftewel een broodje engelenhaar. Het was groot genoeg voor zes peuters, drie kleuters, een halve puber of een volwassene. Dit zou mij zeker een lunch uitsparen.
Helaas werd ik na thuiskomst al gauw ongedurig en ik besloot om te verdwalen in het buurtje waar mijn kleine witte vakantieadresje zich bevond. Dat was mij op mijn eerste dag hier ook al aardig gelukt. Ik herinnerde me dat ik, zwetend met mijn koffer als een dood gewicht aan mijn arm hangend, liep te zeulen door de smalle, godverlaten straatjes van de oude stadskern, terwijl Rodeo van Kyuss als soundtrack door mijn hoofd bleef spoken. Als een desperado sjokte ik telkens door dezelfde weggetjes en stegen. Vrouwen hielden hun dochters veilig binnen en toonden zichzelf ook niet. Het wijkje leek een spookstadje. Ideaal voor een dagje niets doen.
En dus dwaalde ik opnieuw door de nauwe, steile straatjes. Beklom ik trappetjes, of daalde ze af, al naar gelang waar ik mij bevond. Na een lange afdaling bleef ik zuidwaarts lopen en na een kleine twintig minuten was ik op het strand. Playa Salobreña. Is er een betere plaats te bedenken om niets te doen dan het strand? Ik dacht het ook niet…
Inmiddels was het half vier. Lunchtijd. In Spanje luncht men laat, had ik begrepen, dus ik besloot het erop te wagen. Even later zat ik bij El Campano aan de paella en aangezien ik nog absoluut geen honger had, leek eten me een goede variant van mijn plan de campagne. Het eten diende immers geen enkel doel dan de tijd doden. Ik zou me moeten schamen, maar hetzelfde geldt voor iedereen die dit leest.
Wanneer was de laatste keer dat je at omdat je het echt nodig had? Wanneer had je überhaupt echt honger? Maar laten we het gezellig houden. Ik ben tenslotte op vakantie. Wereldproblemen oplossen valt niet echt in de categorie ‘niets doen’, al denken de meeste politici daar anders over.
Na het eten keek ik een poosje naar de meeuwen die, vleugels wijd, zonder zichtbare inspanning zweefden op de wind. In de lucht zijn geen belemmeringen, geen muren of hokjes, maar zijn vogels ooit zo vrij als het gezegde ons doet geloven? Vroeg of laat moeten ze toch landen om te eten of te slapen. Noodzakelijkheden die van niets doen iets maken. Al is het maar omdat het moet.
De rest van de middag las ik een boek. Een goed boek. Een heel goed boek. Hoewel het met goede boeken net is als met een ‘goed glas wijn’, wil ik dat je gelooft dat het een goed boek was. Het liefst wil ik je vertellen hoe het heet en wie het schreef. Ik heb mezelf echter beloofd dat ik vandaag niets zou doen, dus ik kan hier moeilijk een beetje reclame gaan zitten maken.
Omdat ik het boek uitlas en ik dus met lege handen achterbleef, vond ik dat het redelijk was om het uit te lezen op de dag dat ik niets zou doen. Wie met lege handen achterblijft heeft niets en kan zich dus beroepen op verschoning: Ik heb niets gedaan, kijk maar. (strekt armen uit met de handpalmen naar boven)
En dus wandelde ik zonder er verder bij na te denken en zonder te verdwalen naar huis om te gaan slapen. Onschuldig als een baby. Het was nog vroeg, maar wat kon ik? Ik zou immers niets…

Written by thehotstepper

maart 5, 2016 bij 10:24 am

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: