Hier loop ik warm van

The Hotstepper goes Dutch

Irene, mijn zoon

leave a comment »

Afgelopen vrijdag was Bob op de kop af zes maanden. Een mijlpaal. Vandaag is het Vaderdag en misschien juist daarom realiseerde ik mij ineens dat ik een ander keerpunt geruisloos aan mij voorbij heb laten gaan. Dat ik er niet bij stilstond, illustreert dat het leven doorgaat, maar dat ik er niet expliciet aan dacht, wil niet zeggen dat ik niet nog vrijwel dagelijks aan je denk.

Dat je stierf, net voor mijn zoon werd geboren, heeft mijn rouwproces geen goed gedaan, maar inmiddels doen herinneringen minder pijn en is het eenvoudiger om ze toe te laten, te omarmen en te koesteren. Het wordt nu tijd voor anekdotes en aangezien over twee weken Werchter weer uit haar voegen barst, wil ik graag een herinnering ophalen aan een keer dat we daar samen waren.

Het was niet de warmste editie van het festival en zo kwam het dat we op de tweede of derde dag tegen het vallen van de avond diverse lagen kleding over elkaar aan hadden. Jij zag er een beetje uit als een Michelinmannetje: de wijde pijpen van je baggy broek had je in je sokken gestopt en je korte, strakke trainingsjackie ging net dicht. Op je hoofd een petje, dat je elk jaar op het festival droeg.

We zaten dicht tegen elkaar aan op de grond. De schemer tuimelde rap over ons heen. En met het halfduister, stommelden er ook steeds meer festivalgangers tegen ons aan. Meestal ging het net goed, als ze mij opmerkten, soms iets minder, als ze jou over het hoofd zagen. Opeens werd je redelijk hard geraakt. Een festivalganger struikelde en aborteerde een biertje. ‘Godmiljaar!’, brulde hij woest. ‘Au! Kan je niet uitkijken!?’, schreeuwde jij niet minder vurig. De jongeman keek jou boos aan en begon te tieren, waarop ik opsprong en hem tot de orde riep.

De jongen koos eieren voor zijn geld en stamelde sorry, pruttelde nog wat, maar liep toch door. ‘Gaat het?’, vroeg ik, toen ik naast je kwam zitten. Je knikte. Even later voelde ik een hand op mijn schouder en hoorde in sappig Vlaams. ‘Eel goe, meneer, da’ u zo opkomt voor uw zoontje.’ We keken elkaar aan, je knipoogde. ‘Dat spreekt voor zich’, zei ik, waarop ik de man bedankte.  ‘U boft met zo’n vader’, zei hij, terwijl je hem glimlachend aankeek en hem niet tegensprak.

Later die avond liepen we gearmd over de lange asfaltweg van de weide naar ons kampeerterrein. Een groepje aangeschoten jongeren, dat met ontbloot bovenlijf liep te kleumen, riep je toe: ‘Hou u maar goe vast aan uw lief, dan verliest ‘m nie!’
‘Mijn lief?’, riep je. ‘Het is mijn váder!´

Written by thehotstepper

juni 16, 2013 bij 10:54 am

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: