Hier loop ik warm van

The Hotstepper goes Dutch

Fooi

with 2 comments

Jongeren in de horeca krijgen fors meer loon. Zo wordt het basisloon van een beginnend medewerker bediening met 6,4 procent verhoogd. Een beginnend barkeeper gaat ruim 7 procent meer verdienen, aldus een nieuwslezer op BNR. Hoewel ik iedereen van harte een loonsverhoging gun, zeker in tijden van crisis, trok ik toch tenminste één wenkbrauw op bij het horen van dit nieuws. Ik ben dan ook gruwelijk verwend dit weekend met een bezoek aan diverse horecagelegenheden in Parijs. Nu zullen de meesten van jullie denken dat ik gek ben, maar ik meen het.

Een terrasje pakken in Frankrijk is duurder dan in Nederland. Voor een zelfde bestelling betaal je ook meer dan wanneer je binnen zit. Soms betaal je in het café aan de bar zelfs minder dan wanneer je wordt bediend aan een tafeltje. Het is misschien even wennen, maar het is ergens ook wel zo eerlijk. Je voldoet immers niet alleen de prijs van je kopje koffie, je biertje of je wijntje, maar je honoreert ook de kelner voor geleverde service, want bediening zit bij de prijs in. En toch heb ik regelmatig een fooi achtergelaten. In Frankrijk is werken in de horeca namelijk een vak. Je ziet er naast studenten ook veel mensen die het klappen van de zweep kennen, maar die ook duidelijk liefde voor de discipline hebben en niet te beroerd zijn om hun passie te delen met de tijdelijke krachten, die serveren als bijbaan hebben.

Het begint met de kleding. Horecapersoneel is onberispelijk en herkenbaar gekleed. Hierdoor wordt aan de ene kant een afstand tot de klant gecreëerd, maar dit komt de relatie ten goede. De gast weet wie hij moet aanspreken en de garçon of serveerster weet waarvoor ze staan. Dit leidt automatisch tot betere service. Het is alsof het uniform de jongens en meisjes, en mannen en vrouwen van het corps servi hen ogen in de rug en meer veerkracht geeft. Een opgestoken vinger, een knikje en wanneer men verder wil, discreet,  ‘De rekening alstublieft’ volstaan. Klant is koning en krijgt de aandacht en het respect die hij verdient. Het gedrag is daarom wederkerig en leidt in veel gevallen tot een douceurtje dat dankbaar in ontvangst wordt genomen.

Hoe anders is het op de Nederlandse terrassen, waar het vaak de moeite loont om naar binnen, naar de bar te lopen en te bestellen wat men belieft. Door zijn plek achter het buffet is een barkeeper sneller herkend en gevonden dan een serveerster of een ober, die meer met elkaar en hun telefoon dan met hun gasten bezig zijn. Als het al lukt te bestellen, moet men of direct afrekenen, ‘Sorry, anders moet je maar binnen gaan zitten’, of zodra je weg wilt, moet je wederom allerlei trucs uithalen om aandacht te krijgen of dreigen weg te lopen. Ik geef in zulke gevallen vaak geen extraatje. Dit komt me soms op vragen te staan van mijn tafelgenoten en in een enkel geval op gezucht en gesteun van een jong bedienend wicht of snotaap, die voorwendt geen wisselgeld te hebben. Hoe doorzichtig! Ik geloof echter in het principe loon naar werken. Dat principe kennen ze in de horeca in Frankrijk, maar is in Nederland over het algemeen ver te zoeken.

Terwijl een ober hier denkt voor een dubbeltje weldaad een gulden te ontvangen, troffen in Parijs zijn collega’s mijn hart met een attitude die zich het beste laat omschrijven door een citaat van de Franse 18e eeuwse schrijver Jean Petit-Senn: ‘La grandeur d’une bonne action se mesure rarement à la gratitude de celui qui en fut l’objet, mais toujours au plaisir qu’elle procure à celui qui l’a faite.’*) Het is het plezier waarmee die lui hun werk doen, dat mij een goed gevoel geeft. Het feit dat ik een kopje pleur of een bakkie leut op het terras bestel, maakt niet dat ik een fooi geef, bediening en service en het gemak waarmee dat verkregen en gegund wordt, dragen daar in belangrijke mate aan bij.

Mede daarom verbaasde ik mij over het nieuwsbericht dat de lonen van beginnend personeel in de horeca in Nederland zijn gestegen. Ik gun het die mensen, maar ik denk niet dat we er met ons allen beter van worden. Mensen die hun werk met plezier doen verdienen namelijk meer. Dáár begint het, maar juist aan animo ontbreekt het in de vaderlandse horeca. Een loonsverhoging zal daar geen verandering in brengen. Dus wedden dat over een half jaar de kranten koppen ‘Jongeren in de horeca krijgen fors minder fooi’?

 

*) De grootsheid van een goede daad wordt zelden gemeten door de dankbaarheid van hem, aan wie ze werd gegeven, doch altijd aan het genoegen dat zij schenkt aan hem, die haar ontving.

Written by thehotstepper

augustus 28, 2012 bij 9:00 am

2 Reacties

Subscribe to comments with RSS.

  1. Ik ben het zo met je eens. Tijdens mijn bezoek aan New York vorig jaar viel mij op dat iedereen behoorlijk vriendelijk was in de bediening en ik vroeg mij sterk af of men echt zo vriendelijk was of het eigenlijk allemaal acteurs waren die door gebrek aan talent in de horeca beland waren. Los van dat kwam ik tot de conclusie; Liever een fake smile, dan een oprecht ongeinteresseerde chagrijn aan mijn tafel. Tips zijn dan ook “”verplicht” in NYC en hier vroeg men dan ook gewoon om als we niet voldoende hadden neer gelegd. Dit vond ik trouwens wel ronduit onbeschoft, ook al kwam hij dit met een grote glimlach vertellen.

    dredelatourette

    augustus 28, 2012 at 9:13 am

  2. […] Vos het met mij eens is. Omdat het onderwerp kennelijk actueel, besloot ik via deze weg mijn column van vorig jaar nogmaals onder de aandacht te brengen. Reacties zijn […]


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: