Hier loop ik warm van

The Hotstepper goes Dutch

Antwerpen – Dan weet ik dat ik thuis ben

leave a comment »

‘Ik zie u graag’, zeggen de Belgen als zij verliefd zijn. Telkens als ik op de ring van Antwerpen rijd, fluister ik die vier woorden, terwijl ik een wuifgebaar maak naar de Onze-Lieve-Vrouwekathedraal. Ik hou van haar om hoe ze het stadsbeeld bepaalt van de stad die mij lief is. Ze is een ranke, slanke dame, aan wie ik weemoedig kan denken als ik zin heb in België.

Bestaat er zo iets als zin in België?,  zult u zich misschien afvragen. Ik kan me de vraag bijna niet voorstellen. België is te gek! Ik kom er zo graag. Ik hou van haar friet, van haar Bourgondische inslag en van haar bieren. Ik word lyrisch als ik denk aan haar stoofpotten, de jenevers en de feesten. België is een land van en voor genieters.

Het liefst geniet ik van België in Antwerpen. Natuurlijk ga ik wel eens vreemd, naar Leuven, Brussel of Gent, maar de Scheldestad, ‘t Stad, zoals de Sinjoren haar liefkozend noemen, is en blijft met stip favoriet.

Aankomen in het verbouwde Centraal Station is een feest. Ik vermijd daarna het liefst de Keyserlei met zijn toeristen, de Meir met fantasieloze winkels en de Grote Markt met haar drukbezette terrassen.  Antwerpen is te mooi om mijzelf te kort te doen met massa-consumptieve eenheidsworst. Liever loop ik door het Stadspark naar Het Zuid, een steeds hipper wordende wijk, waar het niet wemelt van de toeristen en waar ‘Ollander geen scheldwoord is.

Van daar is het heerlijk wandelen door het Sint-Andrieskwartier, waar de subversieve ketter Tanchelijn in de twaalfde eeuw een volksopstand ontketende. Meer hierover kan u lezen in De Vingerafdrukken van Brahma, van de in Antwerpen geboren schrijver Hubert Lampo.

Via Lampo heb ik mijn liefde voor Antwerpen ontwikkeld. Dankzij hem ging de stad voor mij leven. Dankzij hem zwierf ik door haar straten en stegen, leerde ik dat sluitingstijden in de Belgische cafés alleen gelden als er geen klanten meer zijn. Dankzij hem, wandelde ik in de vroege uurtjes met een stevig stuk in mijn kraag door de Sint-Annatunnel  naar de Linkeroever, om de zon op te zien komen boven ’t Stad. Om daar, ‘Een vermoeden van vrijheid’ van Hans de Booij als een ode te galmen over de kalme Schelde.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: