Hier loop ik warm van

The Hotstepper goes Dutch

Feijenoordkade

leave a comment »

Misschien is het aanmatigend dat ik, als startend columnist, een reactie schrijf op een artikel van wijlen Martin Bril. In 2002 schreef hij een column met dezelfde titel. Inmiddels is er wel wat veranderd en ik wil hier graag over vertellen.

Van een versleten filmlocatie is geen sprake meer. Noch afgedankt, noch filmlocatie dekt de lading. In plaats van een blinde vlek in het gezicht van Rotterdam, is het nu eerder een tache de beauté. Ze dringt zich ongevraagd op wanneer je een blik over de Maas werpt. De pracht van de kaai is opnieuw tot leven gebracht en de schoonheid is niet langer die van vervallen verlatenheid. Het uitzicht is een visitekaartje voor wie Rotterdam komt binnenrijden over de brede, karakterloze Maasboulevard. Een ansicht als souvenir voor wie op deze manier Rotterdam verlaat en naar rechts kijkt, over de rivier naar Zuid.

Zoals Martin het beschreef was het wijkje op de Kop van Feijenoord op sterven na dood. Het blok op de Punt zou van schaamte willen dat het werd neergehaald. Stadsbestuurders wilden jaren niets liever. Na veel vijven en zessen zijn ze tot inkeer gekomen en zijn de voormalige volkspakhuizen verbouwd tot fraaie stadswoningen en -appartementen.

De gevels zijn bewaard gebleven als vormen ze een decor, wat echter niet dient als achtergrond voor een film, maar als maskering van de nieuwerwetse woningen van de moderne gezinnen die er hun intrek hebben genomen. Want achter de façade, die in dit geval twee betekenissen heeft,  gaat een andere wereld schuil, dan die ze ruim een eeuw herbergde.

Ook de omgeving is veranderd. De verrotte dukdalven zijn hersteld. De kade is gerenoveerd en doet weer dienst als aanlegplaats voor binnenvaartschepen. Het is wel nog steeds een pleisterplaats voor jongens die even willen snacken, een jointje roken, of gewoon van het uitzicht genieten. Ik geef ze geen ongelijk.

Het parkje is er ook nog, maar de kolossale Cup a Soup kop is verdwenen. Vervangen door twee enorme pindakaaspotten. Ze dienen als opslag voor de aardnotenolie, die dagelijks met een binnenvaartschip wordt aangevoerd. De Nijverheidstraat, die langs de Nassauhaven loopt, doet haar naam weer eer aan sinds de productie van pindakaas van Delft naar Rotterdam is verhuisd.

Op de hoek is een Trattoria gevestigd. Martin zou het er naar zijn zin hebben gehad. Gezeten op het terras waar Feijenoordkade en Nijverheidstraat elkaar tegenkomen is het goed toeven. Onder het genot van een geurige espresso is het een prachtige plek om het leven te beschouwen. In de zomer komen er veel meisjes met rokjes een roseetje drinken en als de zon onder gaat boven het centrum van de stad verandert de Maas in een gouden glitterstroom, die qua schittering niet onderdoet voor de Kilimanjaro, wat in het Swahili heel toepasselijk ‘glinsterende heuvel’ betekent.

=====================

De column van Martin Bril is te lezen in het archief van De Volkskrant: http://www.volkskrant.nl/vk/nl/2844/Archief/archief/article/detail/623605/2002/10/19/Feijenoordkade.dhtml

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: